Outplacement blog

30 procent onbekend met transitievergoeding

23-10-2021 - Redactie

Wie ontslagen wordt, heeft in de regel altijd recht op een transitievergoeding. Maar veel Nederlanders blijken hiervan niet op de hoogte. Evenmin als het gaat om andere kansen bij ontslag. Dat blijkt uit onderzoek van ARAG. 

De cijfers over de transitievergoeding

30 procent van de 2000 ondervraagden in het ARAG-onderzoek weet niet dat hij recht heeft op financiële compensatie bij ontslag: de transitievergoeding. Oorspronkelijk bedoeld voor outplacementbegeleiding en bijscholing in de transitie van werk naar werk wordt de ontslagvergoeding nog vaker gebruikt als financieel hulpmiddel om de periode zonder werk te overbruggen. De transitievergoeding bestaat al sinds 2015 maar werd in 2020 nog breder beschikbaar. Zo heb je ook recht op de transitievergoeding bij ontslag in de proeftijd. 
 

Ook onwetendheid over andere ontslag issues

Naast de transitievergoeding laten werknemers bij ontslag nog meer liggen. Zo kent 13 procent de ontslagregels van hun eigen arbeidsovereenkomst niet. Evenmin beseffen veel mensen niet hoeveel onderhandelingsruimte er wel niet ligt, in het bijzonder als ontslag met een vaststellingsovereenkomst tot stand komt. In Nederland is ontslag immers geen eenvoudige aangelegenheid en werkgevers weten dat ontslag juridisch lastig is rond te krijgen. Ook weet 14 procent niet dat ze recht hebben op een WW-uitkering na ontslag. 

Houdt de WAB disbalans op arbeidsmarkt in stand?

28-09-2021 - De redactie

De Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) die begin 2020 werd ingezet om meer balans op de arbeidsmarkt te krijgen, is volgens onderzoek zijn doel voorbij geschoten. De WAB moest het voor werkgevers aantrekkelijker maken flexwerkers en zzp’ers in dienst te nemen. Oftewel meer flexibiliteit voor werkgevers en meer werk- en inkomenszekerheid voor werknemers. Onderzoek door ABN AMRO dat in september werd gepubliceerd, stelt het functioneren van de WAB ter discussie.  

Wet Arbeidsmarkt in Balans

Daling aantal vaste contracten

Uit het onderzoek Wet Arbeidsmarkt in Balans leidt tot omslag flexwerkers van ABN AMRO blijkt dat de WAB op onderdelen vaste arbeidsrelaties aantrekkelijker en sommige flexibele arbeidsrelaties minder aantrekkelijk maakt voor werkgevers. In aanloop naar de WAB hebben werkgevers massaal contracten van tijdelijk- en inhuurpersoneel stopgezet om te voorkomen dat ze mensen in vaste dienst moesten nemen. Flexibel werk is minder aantrekkelijk geworden, maar het aantal vaste contracten is ook gedaald. Uit het onderzoek blijkt dat de tijdelijke contracten die zijn opgezegd, niet aantoonbaar zijn vervangen door vaste contracten. De invloed van de coronacrisis is daarbij nog buiten beschouwing gelaten. 

Van WWZ naar WAB

De WAB is een aanpassing van de eerder ingevoerde Wet Werk en Zekerheid (WWZ). De WWZ moest de kloof tussen ‘vast’ en ‘flex’ verkleinen, echter werd de kloof juist groter. De WAB werd in het leven geroepen om de schade door deze wet te ‘repareren’. Het moest vaste arbeidsrelaties voor werkgevers aantrekkelijker maken dan flexibele arbeidsrelaties. Bijvoorbeeld door verruiming van de ketenregeling, andere regels voor oproepkrachten en een andere status voor payrollers is flexibele arbeid minder aantrekkelijk gemaakt. Ook is in de WAB het ontslagrecht aangepast door de introductie van de cumulatiegrond en een andere berekening van de transitievergoeding. Tevens kreeg de WW-premie een andere indeling.  

Andere inzichten

Het onderzoek van ABN AMRO stelt het functioneren van de WAB ter discussie. Maar het geeft ook een ander inzicht. De WAB dwingt bedrijven juist bewust te kiezen voor de inzet van flexwerkers en uitzendkrachten. Er wordt door bedrijven nu een duidelijke overweging gemaakt aan de hand van de eigen bedrijfsvoering of flex wordt ingezet. Organisaties kijken namelijk bewuster of flexwerkers passen binnen de strategische agenda van de organisatie en of het waarde toevoegt. Het is daarmee een bewust alternatief naast de vaste baan en dient als alternatief voor organisaties om tijdelijk extra capaciteit en/of kennis in te zetten. Het is naast de vaste aanstelling een zorgvuldige afweging van alle alternatieven en daarmee een volwaardige arbeidsvorm. Behalve het feit dat de stijging van het aantal vaste contracten achter blijft, doet de WAB precies waar deze voor is bedoeld. 

 

Ontwikkelbudget STAP in 2022 beschikbaar voor iedere werkende en werkzoekende

25-09-2021 - De redactie

In het voorjaar van 2022 is voor alle werkenden en werkzoekenden het STAP-budget beschikbaar. Het is een ontwikkelbudget van 1000 euro dat besteed kan worden aan een opleiding, training of cursus. Het komt in de plaats voor de aftrek van scholingsuitgaven voor werkgevers.

STAP ontwikkelbudget

Wat is STAP 

STAP staat voor ‘Stimulering Arbeidsmarktpositie’. Dit scholingsbudget is niet voorbehouden aan een specifieke werkrelatie. Zo kunnen zowel werknemers, werkgevers als zelfstandigen er gebruik van maken. Om een groter publiek te bereiken en een leercultuur te bevorderen, is het STAP-budget anders vormgegeven dan de fiscale aftrek. Bij STAP dient je reeds voor aanvang van de scholing een aanvraag in. Vervolgens betaalt het UWV een voorschot van 100% aan de opleider. De aanvrager hoeft dus niet zelf het bedrag voor te schieten zoals het geval bij de scholingsaftrek. Bovendien is bij het STAP-budget niet sprake van een eigen bijdrage tenzij de scholingskosten boven de 1000 euro geraken.

Hoe vraag je het aan 

Het UWV betaalt dus de opleider die geregistreerd moet staan in het STAP-scholingsregister. Zolang de scholingskosten niet boven de 1000 euro uitkomen, betaal je geen eigen bijdrage in tegenstelling tot de nu nog geldende fiscale scholingsaftrek. Hogere kosten moet je als aanvrager wel zelf betalen, maar die kunnen eventueel nog worden bekostigd door de werkgever of door een Opleidings- en Ontwikkelfonds. Goed om te weten, per 1 maart 2022 opent het nieuwe STAP-portaal van UWV. Daar kun je als werkende, werkzoekende of opleider terecht. Op het portaal vind je bijvoorbeeld informatie over het opleidingsaanbod en en het aanvragen van het STAP-budget. Ook kun je op het portaal terugvinden of je aanvraag is goedgekeurd.

Duurzaam inzetbaar blijven

Het is meer dan ooit belangrijk om je te blijven ontwikkelen tijdens je loopbaan in de snel veranderende wereld. Om duurzaam inzetbaar te zijn moet je dan ook voortdurend investeren in jezelf. Maar ook voorkomen dat je vastloopt in je carrière, bijvoorbeeld omdat je werk geen plezier meer brengt. Dan scheelt het als je blijft leren naast je baan en uitvindt waar je drijfveren liggen en waar je echt goed in bent. Maar hoe vind je nu uit welke opleiding of cursus je moet volgen? Daarvoor is het belangrijk om een duidelijk beeld te krijgen bij je loopbaan. Wie dat niet heeft, doet er goed aan om hierover in gesprek te gaan met een loopbaancoach. Een investering die zich dubbel en dwars kan terugverdienen. 
 

 

 

 

Van werk naar werkbegeleiding ter voorkoming van hoge werkloosheid veesector

28-07-2021 - De redactie

Volgens het CNV kan de inkrimping van de veestapel wel 30.000 banen kosten. De vakbond pleit daarom voor een transitiefonds met van werk naar werkbegeleiding ter voorkoming van hoge werkloosheid in de landbouwsector.


Veel banen verloren bij inkrimping veestapel

Boeren zijn vaak in beeld als het gaat om de discussie over het inkrimpen van de veestapel. Maar een kleinere veestapel raakt qua aantallen vooral de werknemers: 30.000 mensen. Van deze werknemers die hun baan kunnen kwijtraken werkt een derde in de primaire landbouwsectoren, zoals dierhouderij. Het overige deel werkt in gerelateerde sectoren, zoals transport, slachterijen en de veevoerindustrie.

Dunbevolkte regio's 

CNV voorzitter Piet Fortuin benadrukt dat het vaak gaat om mensen die in dunbevolkte regio's in Nederland werken. Juist in deze gebieden is weinig perspectief op nieuw werk. En een verhuizing naar de Randstad is een flinke stap en vaak zeer kostbaar. Als voorbeeld noemt Fortuin de zuivelindustrie in Friesland waar nauwelijks alternatieve banen zijn. Maar met geld uit het fonds zouden mensen omgeschoold kunnen worden voor bijvoorbeeld werk in de zorg- en transportsector.